Leiderschap

Als wij spreken over leiderschap in onze organisatie, dan hebben we het in de eerste plaats over persoonlijk leiderschap van iedereen die bij onze mooie gemeente werkt, en daarnaast over leiderschap van ‘de lijn’, de mensen die binnen onze organisatie een leidinggevende functie hebben.

Persoonlijk leiderschap

In de organisatie die wij willen zijn, en die wij in onze visie beschrijven, werken mensen die de ruimte krijgen én nemen om hun vakmanschap uit te oefenen en continu te ontwikkelen. Stuk voor stuk mensen die de kernwaarden van onze organisatie delen en hun kennis, competenties en vaardigheden inzetten om bij te dragen aan het geluk van onze inwoners en ondernemers. Zij zijn het die vanuit hun deskundigheid elke dag opnieuw antwoorden vinden op de inhoudelijke vraagstukken waar onze omgeving ons voor plaatst, en die daarbij continu naar verbetering streven.
Wij geloven daarom dat ruimte voor het vakmanschap en de professionele verantwoordelijkheid van iedere medewerker essentieel is voor de kwaliteit van onze dienstverlening. Zonder het vakmanschap en het persoonlijk leiderschap van iedere individuele medewerker zouden we de aansluiting met onze omgeving verliezen, zouden we niet tot vernieuwing in staat zijn en onze visie nooit kunnen waarmaken.
Wat minstens zo belangrijk is: wij geloven dat ruimte voor vakmanschap en persoonlijk leiderschap bijdraagt aan ieders werkgeluk, een fundamenteel onderdeel van onze organisatievisie.

Leiderschap in de lijn

In onze visie wordt het persoonlijk leiderschap van iedere individuele medewerker geschraagd door het leiderschap van de lijn. Bij onze organisatie werken zo’n 400 vakmensen, die ieder een waardevolle bijdrage leveren aan onze resultaten. Maar de organisatie is meer dan de som der 400 delen…
Van het leiderschap van de lijn verwachten wij een verbindende-, een richtinggevende-, een kaderstellende- en een faciliterende rol.
Het is de verantwoordelijkheid van de lijn om de politieke opgave te vertalen naar een gezamenlijk, toekomstgericht kader waarbinnen medewerkers hun professionele autonomie kunnen toepassen.
Ook is het een taak van de lijn om voortdurend verbinding te maken tussen enerzijds de eisen die onze omgeving aan de organisatie stelt en anderzijds de ontwikkelingen en behoeften binnen de organisatie. Bovenal vragen we van het lijn-leiderschap om de randvoorwaarden te scheppen waaronder het persoonlijk leiderschap van iedere medewerker optimaal kan floreren, en om de stimulans, de inspiratie en het enthousiasme toe te voegen waarmee 1 + 1 geen 2 maar 3 wordt.

Hoe zien we leiderschap in de praktijk voor ons?

Persoonlijk leiderschap kenmerkt zich in onze visie door:

1) Regie op eigen werkvermogen (gezondheid, competenties, normen en waarden, werk) en loopbaan. Dit betekent ook dat je moet kunnen én durven aangeven wat je nodig hebt om je werkvermogen op peil te houden.

2) Actief continu verbeteren. Zelfreflectie en aanspreekbaarheid zijn hiervoor vereiste competenties.

3) Resultaatgericht werken. Opdrachtnemer- / opdrachtgeverschap, situatieanalyse, eigenaarschap, prioriteren, zijn hiervoor vereiste vaardigheden.
Dit betekent ook dat je moet kunnen en durven aangeven wat je nodig hebt om de afgesproken resultaten en kwaliteit te behalen.

4) Samenwerken. Een waarderend-onderzoekende basishouding (communicatieve vaardigheden en zelfreflectie) zijn hierin essentieel.

Lijn – leiderschap kenmerkt zich in onze visie door:

1) Voor verbinding zorgen door de maatschappelijke en politieke opgave te vertalen en een helder en inspirerend kader te bieden. Alle leidinggevenden dragen dan ook actief de visie van de organisatie uit en vertalen de politieke en maatschappelijke opgave zowel naar duidelijke gezamenlijke doelen als naar individuele resultaat-afspraken.

2) Ruimte geven aan professionals om (binnen het gestelde kader) in verbinding met de organisatie en de maatschappij hun kennis en vakmanschap in te zetten. Bovendien ook veiligheid bieden aan medewerkers om te leren en ontwikkelen (fouten maken is nodig!).

3) Prioriteit geven aan aandacht voor team én voor iedere individuele medewerker, en dus weten hoe het met een medewerker is op de verschillende niveaus van het huis van werkvermogen (gezondheid, competenties, normen en waarden, werk).

4) Situationeel leiding geven: we verwachten van iedere leidinggevende dat hij of zij een breed repertoire aan stijlen beheerst, om coachend, faciliterend of juist directief aan te sturen; meer ruimte of juist meer structuur biedend… passend bij wat een medewerker in verschillende situaties nodig heeft om in zijn persoonlijke leiderschap te blijven groeien, zijn werkvermogen optimaal te houden en de afgesproken kwaliteit en resultaten te leveren.

5) Het goede voorbeeld geven: persoonlijk leiderschap tonen door prioriteiten te stellen, betrouwbaar en aanspreekbaar te zijn, de Lean- filosofie van continu verbeteren voor te leven door zelfreflectie te tonen, en medewerkers deelgenoot te maken van de eigen ontwikkeldoelen.

6) Zich committeren aan de visie en het daaruitvolgend ontwikkelplan, en de beschikbare instrumenten optimaal te benutten in dienst van het eigen persoonlijk leiderschap en dat van alle medewerkers.